§ Analyse: kritisch leren kijken naar media en snappen hoe deze werken.

§ Bewustwording: het effect van media ervaren en begrijpen.

§ Gedrag: inzicht krijgen in eigen mediagedrag.

§ Dialoog: praten over media, thuis en in de klas.

§ Creatie: zelf media kunnen inzetten, maken en delen.

Groep 5

*    De kinderen gaan zelf op zoek naar digitale informatie (praktische vaardigheden& informatievaardigheden)

*    Kinderen worden zich bewust van de werking van internet (mediabewustzijn)

*    De kinderen weten wat cyberpesten is (verantwoord gebruik en veiligheid &mediabewustzijn)

*    De werking van zoekmachines en internet  begrijpen (mediabewustzijn)

*    Het effect van media ervaren en begrijpen (bewustwording)

*    Herkennen en doorzien van de strategie van reclame in de media (bewustwording)

*    Kunnen aangeven wat het verschil tussen feit en fictie is (Dialoog &bewustwording)

*    aangeven dat bedrijven door middel van reclame producten en diensten proberen te verkopen. (bewustwording en Analyse)

*    aangeven dat bedrijven door middel van reclame mensen proberen te beïnvloeden. (bewustwording en analyse)

*    Inzicht hebben in het ontstaan van reclames en dat deze interessanter worden gemaakt met behulp van een aantal trucjes. (bewustwording en analyse)

Groep 6

*    De kinderen leren informatie beoordelen (informatie- en strategische vaardigheden)

*    De kinderen weten hoe ze met elkaar om moeten gaan op internet (verantwoord gebruik en veiligheid & mediabewustzijn)

*    De kinderen weten dat cyberpesten niet goed is (verantwoord gebruik en veiligheid& mediabewustzijn)

*    Kinderen kunnen kritisch kijken naar media en snappen hoe deze werken (analyse).

*    Zich bewust zijn van de effecten van uitlatingen op sociale media (gedrag)

*    Beheersen word en PowerPoint (praktische vaardigheden)

*    Kinderen kunnen een werkstuk maken op de computer. (informatie en praktische vaardigheden)